Doolaege, Verbist & De Meyere
Automatische gegevensuitwisseling via CRS of FATCA én ficheverplichting brengen ‘verborgen’ verloningen via aandelen aan het licht.
05-05-2020

 

Neem tijdig de nodige initiatieven.

 

Vele ondernemingen willen hun werknemers/kaderleden op lange termijn motiveren, om hen aan de onderneming te binden. Hiervoor bouwen ze een systeem van variabele beloning uit bovenop de vaste bezoldigingen onder de vorm van remuneratie in aandelen van de onderneming of van de internationale groep waartoe de Belgische onderneming behoort.

 

Zo kan het bijvoorbeeld gaan om aandelenopties. In België krijgen voordelen verstrekt op grond van de aandelenoptiewet van 26.03.1999 een specifieke fiscale behandeling. Voor dit soort beloningen bestaat reeds lang een ficheverplichting voor de Belgische werkgever, waaraan deze moet voldoen in het jaar van toekenning van de optie (in fiscale zin, dus op de 60e dag na het aanbod van de opties).

 

De aandelenoptiewet voorziet strikte voorwaarden. Hierdoor vallen niet alle opties of aandelenplannen onder deze regeling. Veel aandelenverloningen van allerhande aard, die worden toegekend aan in België wonende werknemers/kaderleden van multinationale ondernemingen of groepen vanuit een buitenlandse entiteit vallen buiten de aandelenwet van 1999. Dit wil echter niet zeggen dat er geen fiscale verplichtingen op van toepassing zijn.

 

De belastbaarheid van deze voordelen (gekend onder tal van exotische benamingen zoals bijvoorbeeld restricted stock units, of RSU, RSUA, PSU, phantom shares, etc …) wordt regelmatig uit het oog verloren omdat deze voordelen niet over een Belgische payroll lopen. Het is nochtans de belastingplichtige werknemer/kaderlid, die deze voordelen als beroepsinkomsten verplicht dient op te nemen in zijn of haar aangifte personenbelasting. Vaak moet de aangifte gebeuren op een later moment dan de toekenning van de voordelen, meer bepaald op het moment waarop de rechten definitief worden verworven (dus op het moment van de “vesting”).

 

controle

 

De wetgever heeft met ingang van het jaar 2019 een nieuwe ficheverplichting ingevoerd. Belgische ondernemingen, die deel uitmaken van een internationale groep, zijn als werkgever verplicht om voor door een buitenlandse groepsentiteit aan hun medewerkers toegekende voordelen een fiscale fiche 281.10 of 281.20 in te dienen. Sedert 1 maart 2019 moeten zij hierop ook bedrijfsvoorheffing inhouden. Deze verplichting geldt zelfs wanneer de voordelen worden toegekend zonder enige tussenkomst van de Belgische werkgever.

 

De inkomsten die op deze wijze door de werkgever gerapporteerd worden aan de fiscale administratie dienen uiteraard te worden opgenomen in de jaarlijkse aangifte in de personenbelasting van de begunstigde.

 

Als gevolg van de nieuwe rapporteringsverplichtingen krijgt de fiscale administratie ook meteen kennis van het bestaan van een internationaal aandelenverloningsplan.

 

Aandelen, die op die manier worden verworven, worden in de meeste gevallen op een buitenlande rekening, geopend op naam van de werknemer of bedrijfsleider, geplaatst. Het bestaan van dergelijke rekening moet in een specifieke rubriek van de aangifte personenbelasting vermeld worden. Deze rekeningen moesten ook reeds sinds 2015 ook aan het Centraal aanspreekpunt bij de Nationale Bank (CAP) aangemeld worden. Dividenden uit deze aandelen, die op de buitenlandse rekening gestort worden, moeten eveneens in de belastingaangifte opgenomen worden.

 

Bij dit alles komt nog dat via de internationale gegevensuitwisseling over buitenlandse rekeningen in het kader van FATCA en CRS (zie ook : https://www.dvdtaxlaw.be/nieuws/crs-bbi-en-fiscale-regularisatie en  https://www.dvdtaxlaw.be/nieuws/crs-bbi-en-fiscale-regularisatie-aanvulling-nieuwsbericht-19-februari-2018) de fiscale administratie op steeds regelmatigere basis kennis krijgt van informatie in verband met buitenlandse rekeningen en dus ook over voordelen op basis van buitenlandse aandelenplannen. Deze informatie heeft betrekking op het recente verleden en is ook terug te vinden door de betrokken belastingplichtige via de toepassing MyMinFin.

 


 

Een preventieve analyse is nu meer dan ooit aangewezen voor werknemers/kaderleden/bedrijfsleiders, die in het verleden dergelijke aandelenverloningen genoten :

 

  • Wanneer de voordelen en/of rekeningen niet werden aangegeven, dringt een rechtzetting zich op.

 

  • Dit kan nu meteen gebeuren naar aanleiding van de voorbereiding van de aangifte in de personenbelasting voor aanslagjaar 2020.

 

  • Zelfs wanneer er nog geen indicatoren zijn dat er reeds gegevens werden uitgewisseld, is het aangewezen de nodige initiatieven te nemen om te anticiperen op de mogelijke gevolgen indien de gegevens aan het licht komen naar aanleiding van een fiscaal onderzoek door de FOD Financiën.

 

  • Een bijzonder aandachtspunt zijn de aandelenopties, toegekend onder de wet van 1999. Deze opties dienden te worden aangegeven en belast in het jaar van toekenning ervan (belastbaar moment: de 60e dag na het aanbod). De aandelen, die verworven worden op basis van deze opties worden op de buitenlandse rekeninggecrediteerd in het jaar van het uitoefenen van de optie. Dit kan vele jaren later zijn.

 

  • De aangroei van het saldo van de buitenlandse rekening met de waarde van de alzo verkregen aandelen, zal ook blijken via de internationale gegevensuitwisseling (Fatca en CRS). Deze aangroei zal duidelijk gekoppeld moeten kunnen worden aan de taxatie in België van de opties in het jaar van toekenning in een voorgaand jaar. Indien dit niet mogelijk zou zijn, ishet risico op dubbele taxatie niet denkbeeldig.

 

  • Tegoeden op in het buitenland aangehouden effecten- of bankrekeningen kunnen enkel naar Belgiëworden gerepatrieerd mits de betreffende inkomsten elk jaar correct werden aangegeven of mits het doorlopen van een procedure tot regularisatie. Er moet immers aan de bank worden aangetoond dat de tegoeden hun ‘normale’ belastingregime hebben ondergaan.

 


 

Welke aanpak geval per geval het meest aangewezen is, zal  afhangen van de eigen fiscale situatie van elke belastingplichtige.

 

Wenst u uw situatie preventief te laten analyseren of u te laten bijstaan bij een reeds lopend fiscaal onderzoek,

dan kan u steeds terecht op ons kantoor

contacteer Mr. Ann Verbist (ann.verbist@dvdtaxlaw.be) en/of Mr. Leen De Vriese (leen.devriese@dvdtaxlaw.be)