Doolaege, Verbist & De Meyere
Hof van Cassatie : vrijstelling van OV voor sociale werkplaatsen
27-04-2020

In een arrest van 29 maart 2018 had het Grondwettelijk Hof al geoordeeld dat de vrijstelling van onroerende voorheffing voor de zogenaamde “soortgelijke weldadigheidsinstellingen” niet beperkt mag zijn tot instellingen die fysieke of geestelijke zorg verstrekken. Die laatste interpretatie, die het Hof van Cassatie voordien volgde, is niet grondwetsconform. Ook maatschappelijke en sociale zorg komen in aanmerking voor de vrijstelling.

Er moest wel nog worden uitgemaakt of sociale en beschutte werkplaatsen onder die ruimere definitie zouden vallen.

Het Hof van Cassatie oordeelt nu van wel (Cass. 19 maart 2020, rolnummer F.19.0045.N/1, www.cass.be). Ten eerste sluit het Hof zich (eindelijk) aan bij de ruimere definitie van het Grondwettelijk Hof. Ten tweede stelt het Hof in algemene termen dat een sociale werkplaats die tewerkstelling organiseert voor moeilijk bemiddelbare werkzoekenden, zorg verstrekt aan hulpbehoevende personen en bijgevolg te beschouwen is als een soortgelijke weldadigheidsinstelling.

rekenmachine

De discussies die sociale en beschutte werkplaatsen daarover hebben gehad met de Vlaamse Belastingdienst behoren nu hopelijk tot het verleden. Mochten ze toch nog aanslagen in de onroerende voorheffingen ontvangen, dan moet wel tijdig bezwaar worden ingediend.